De oorsprong van het verhaal
Het begon met een schilderij van Petrus Divaeus
Sommige verhalen beginnen met een idee. Dit verhaal begon met een gevoel.
Tijdens een bezoek aan het stadhuis van Leuven bleef mijn blik hangen bij een groot portret. Ik wist niets van de man op het schilderij, en toch voelde hij vreemd vertrouwd.
Niet omdat ik dacht hem werkelijk te kennen. Het was moeilijker uit te leggen dan dat. Er was iets in zijn gezicht, zijn blik misschien, waardoor ik langer bleef kijken dan ik normaal bij een schilderij zou doen.
Dat gevoel bleef bij me, ook nadat ik weer naar huis was gegaan.
Wie was deze man? Waarom kon een gezicht uit een andere tijd zo'n sterke herkenning oproepen? En wat als iemand werkelijk het gevoel zou hebben een onbekende uit een ver verleden te kennen?
Uit die vragen ontstond langzaam Janine. En Maurice.
Wat begon bij één schilderij groeide uit tot het verhaal van Voor een flard van de hemel.
Het portret
Op deze pagina zie je de officiële opname van het volledige schilderij die ik van M Leuven/Stadhuis ontving, naast mijn eigen close-up van het gezicht dat me zo trof.
Petrus Divaeus (1535–1581)
André Hennebicq, 1884
Olieverf op doek · 290 × 100 cm
Collectie M Leuven/Stadhuis
Van werkelijkheid naar fictie
Het schilderij vormde het vertrekpunt, maar Janine en Maurice kregen tijdens het schrijven hun eigen geschiedenis. Voor een flard van de hemel is fictie.
De herkenning die aan het begin ervan stond, was dat niet.

